TCI
De Temperament en Karakter Vragenlijst (TCI) meet zeven factoren van persoonlijkheid en karakter.
Temperament en Karakter Vragenlijst (originele versie: Temperament and Character Inventory)
12-87 jaar
Vragenlijst
20-40 minuten (afhankelijk van versie)
Nederlandstalig
Omschrijving
Doel:
De TCI brengt persoonlijkheidskenmerken in kaart op basis van het psychobiologische persoonlijkheidsmodel van Cloninger (1987). De lijst biedt hierbij inzicht in zowel de relatief stabiele, biologisch georiënteerde temperamentskenmerken als in de meer ontwikkelbare karaktereigenschappen. Naast de originele versie bestaat er een verkorte versie (VTCI), die met name geschikt is voor jongeren en mensen die de taal minder goed beheersen.
Toepassing:
De TCI wordt veelvuldig toegepast in de klinische psychologie, psychiatrie en bij psychologisch onderzoek. Het kan dienen als een aanvullend diagnostisch hulpmiddel bij onder andere stemmingsstoornissen, angststoornissen en persoonlijkheidsproblematiek. De resultaten kunnen ondersteuning bieden bij hypothesevorming, het plannen van de behandeling en evaluatie. Resultaten zijn niet bedoeld voor diagnosestelling op zichzelf. Tot slot wordt de TCI ook gebruikt bij wetenschappelijk onderzoek. Afname en interpretatie van de resultaten zijn voorbehouden aan daartoe bevoegde professionals.
Wat de test meet:
De TCI bestaat uit 240 items en de VTCI uit 105 items die zowel temperament als karakter meten. De items zijn onderverdeeld in zeven factoren met onderliggende schalen:
- Temperament
- Prikkelzoekend
- Ontdekkingsdrang versus Rigiditeit
- Impulsief versus Bedachtzaamheid
- Extravagant versus Gereserveerdheid
- Wanordelijk versus Controle
- Leedvermijdend
- Dwangmatig-piekerend versus Ongeremd-optimisme
- Onzekerheidsangst
- Verlegen
- Kwetsbaar versus Energievol
- Sociaalgericht
- Sentimenteel
- Intimiteit versus Afstandelijk
- Afhankelijk versus Onafhankelijk
- Volhardend
- Prikkelzoekend
- Karakter
- Zelfsturend
- Verantwoordelijk versus Verwijten
- Doelbewust versus Doelloos
- Vindingrijk versus Traagheid
- Positief-zelfbeeld versus Met zichzelf worstelend
- Goede-gewoontes versus Slechte-gewoontes
- Coöperatief
- Tolerant versus Sociale Onverdraagzaamheid
- Empathisch versus Sociale Onverschilligheid
- Behulpzaam versus Zelfzuchtig
- Vergevingsgezind versus Meedogenloos
- Gewetensvol versus Eigenbelang
- Zelftranscendent
- Zelfverliezend versus Zelfbewustheid
- Natuurgericht
- Magisch-denken versus Berekenend-materialisme
- Zelfsturend
De items worden beoordeeld op een tweepuntsschaal lopend van “juist” tot “onjuist”. Per schaal word een ruwe somscore berekend, die wordt omgezet naar een classificatie, tussen “zeer laag” en “zeer hoog”.
Normen:
De normen zijn gebaseerd op vier steekproeven met een totaal van N=1304 respondenten uit Nederland en Vlaanderen, van 15 tot en met 87 jaar. Steekproef 1 is een Nederlandse algemene steekproef (N=399, 18 t/m 87 jaar), steekproef 2 zijn patiënten van een RIAGG (N=170, 22 t/m 58 jaar), steekproef 3 is een Vlaamse algemene steekproef (N=635, 17 t/m 87 jaar) en steekproef 4 zijn alcoholisten en drugsverslaafden (N=100, 15 t/m 63 jaar). Uit deze steekproeven zijn drie normgroepen samengesteld, namelijk: Norm Bevolking (steekproef 1 en 3) welke is verdeeld naar geslacht (totaal, mannen en vrouwen); Norm Patiënten (steekproef 2) welke is verdeeld naar geslacht (totaal, mannen en vrouwen); Norm Verslaafden (steekproef 4).

